deino bij het vuilnisDe lente breekt aan en dan verschijnen de vracht- en fietsboten ook weer. Bijgaande foto illustreert weer eens dat roeiboten altijd het onderspit delven bij een botsing met een vrachtschip. Gelukkig heeft deze roeier het ongeval overleefd.


Hieronder staat nog even een aantal punten waar wij met z’n allen rekening mee moeten houden als er een vrachtschip aankomt:

  • zichtbaarheid en de dode hoek van de schipper
  • de zuigkracht van het schip
  • de wendbaarheid van het schip

Zichtbaarheid
Ook voor het vrachtschip is het van groot belang dat wij als roeiers zichtbaar zijn. Denk dus aan zichtbare kleding: draag als roeier fluorescerende kleuren of wit. Geen donkere kleuren, zwart, blauw of grijs. Er zijn gele hesjes in de invalide toilet. Zo kan de schipper je al vanuit de verte zien. Waar wij natuurlijk niets aan kunnen doen is dat het schip, vooral leeg, één grote zwarte/grijze oppervlakte is, die je ook alleen maar ziet als je regelmatig goed omkijkt!

Het is belangrijk te weten dat de schipper een enorme dode hoek heeft voor zijn schip. Als je te dichtbij vaart, ziet de schipper je niet. Die afstand voor een schip kan oplopen tot 350 meter! Ofwel, drie voetbalvelden achter elkaar. Pas je koers en snelheid zo aan dat je buiten de dode hoek blijft. Laat met koers en snelheid zien wat je van plan bent en wijk daar niet abrupt van af. Als je de stuurhut van het schip kunt zien, ziet de schipper jou ook. Houd stuurboordwal. Het vrachtschip vaart meestal ongeveer in het midden van het Spaarne of de Ringvaart omdat het alleen daar diep genoeg is. Bij de bochten maakt de schipper vlak voor of na de bocht extra vaart en wijkt van achteren opeens uit.

 

Dode hoek

dode hoek

© Pieter Berkel

 Zuigkracht

zuigkracht

© Pieter Berkel

 

We moeten ook rekening houden met de zuigkracht van de boot. Zorg dat je er niet te dichtbij komt, want dan word je er naartoe gezogen. Ga ook niet vlak achter de boot naar het midden van de Ringvaart of oversteken, daar (in het kielzog) is het water erg onrustig.
We hebben het geluk dat bij ons niet de allergrootste schepen varen, waardoor de golven nog meevallen. Pleziervaart maakt vaak meer golven. Dat betekent dat we vaak vóór een vrachtschip kunnen blijven. Werk mee als je wordt ingehaald, door wat langzamer te gaan roeien, zodat je wel op koers blijft. Eventueel kan je laten lopen en veilig boord houden, maar doe dit bij voorkeur bij een zijkanaal of waar het Spaarne breder is.
Om zo min mogelijk water in je boot te krijgen, kun je het beste parallel aan de golven gaan liggen, maar stuur niet roeiend naar de boot toe, maar juist van de boot af om dan te laten lopen en vast te roeien naar de goede kant. Laat de boot bij hoge golven overhellen naar het tegenoverliggende boord door de riemen loodrecht op de boot te houden en de riem(en) op te tillen aan het boord waar de golf tegenaan komt (commando: bakboord / stuurboord hoog).

Hieronder een filmpje van verschillende roeiboten en een vrachtschip:

https://www.youtube.com/watch?v=k3QtTjAkc4s

 

En als we dan toch de veiligheid bij vrachtschepen op een rijtje zetten, ook meteen nog wat andere regels:

  • Een boot mag alleen stil gaan liggen als hierbij geen direct gevaar ontstaan voor andere boten. Maar soms is het bijvoorbeeld in de instructie wel nodig. Waarschuw dan achteropkomende boten. Een stilliggende boot moet goed opletten op naderende boten om botsingen te voorkomen. Kijk dus uit met stellen van je voetenbord, trui uittrekken of water drinken vlak bij de brug of smal water zonder dat je volledig zicht hebt op wat er nog om de hoek kan komen.
  • Een andere boot mag alleen worden ingehaald als hierbij geen andere boten worden gehinderd. Geef elkaar hierbij ruimte.
  • Men dient rekening te houden met vissers en mag niet door hun vistuig heen varen.
  • Skiffs, boegen van ongestuurde boten en de stuur van gestuurde boten moeten regelmatig (om)kijken om botsingen te voorkomen.