Niet alleen je eigen positie op het water maar met name in relatie tot de andere scheepvaart bepaalt in belangrijke mate de veiligheid van de boot waarin je vaart. Kies derhalve altijd de meest veilig positie op water. Op vaarwegen en in vaargeulen SB-zijde. Vrachtboten hebben een vrij grote dode hoek doordat de stuurhut aan de achterkant van het schip zit. De dode hoek bevindt zich met name voor de punt en kan voor een ongeladen schip oplopen tot vele tientallen meters.

Als stuurman dien je de vaarsituatie over een grote afstand te overzien en ten alle tijde voorbereid te zijn op het mogelijke gedrag van de andere watergebruikers. Een roeiboot ligt laag op het water (daardoor voor andere watergebruikers moeilijk zichtbaar)  is uiterst kwetsbaar en bij een aanvaring snel uit balans (omslaan).

Veel wherry’s, D en C - boten hebben geen drijfvermogen, kunnen na omslaan zinken en kunnen zeker niet dienen als drijfelement voor roeiers die te water zijn geraakt. Daarnaast zijn met name “lange” roeiboten moeilijk te sturen, uitwijken en rondmaken kost veel tijd en wateroppervlak. Houd daar rekening mee.